Typering
van het systeem
In de grond gevormde, grondverdringende en trillingsvrij aangebrachte betonpaal,
met permanente stalen buis.
Vervaardiging Omschrijving:
1.
Een stalen hulpbuis, voorzien van een aangelaste
gietstalen boorpunt, wordt
geplaatst op het maaiveld.
2.
De buis wordt schroevend op diepte gebracht door
het aanbrengen van axiale
druk en een draaimoment. Tijdens het inbrengen van de paal wordt
via leidingen een mortelomhulling in de draagkrachtige zandlagen rondom de
paalschacht geïnjecteerd.
3.
Na het bereiken van het gewenste niveau wordt
de wapening aangebracht.
Meestal wordt de buispaal afgedekt en worden meerdere buispalen in één
fase tegelijk van wapening voorzien.
4.
De buis wordt hierna gevuld met betonspecie.
5.
De paal wordt afgewerkt en de stelling kan worden
verplaatst.
Wijze van transport naar de bouwplaats: dieplader.
d.
Benodigd hulpmaterieel: shovel t.b.v. horizontaal
transport op de bouw-plaats, bij moeilijk bereikbare paallocaties wordt soms
gebruik gemaakt van een hulpkraan of betonpomp.
e.
Wijze van transport op de bouwplaats: zelfrijdende funderingsmachine.
f.
Maximaal begaanbare helling: 1:7 à 1:10.
2.
Capaciteit inbrengmaterieel
Vermogen boormotor:
•
Draaimoment: max. 450 kNm.
•
Axiale drukkracht: 300 à 500 kN, afhankelijk
van het stellingtype.
3.
Trillingsniveaus
Dit systeem kan als trillingsvrij worden aangemerkt.
4.
Geluidsniveaus
Circa 80 à 85 dB(A) op 10 m1.
Karakteristieke eigenschappen
1.
Dwarsafmetingen
Uitwendige schachtdiameter
Diameters boorpunt
ø 324 mm
ø 450 mm
ø 355 mm
ø 560 mm
ø 406 mm
ø 560 mm
ø 457 mm
ø 670 mm
ø 508 mm
ø 670 mm
2.
Mogelijke paallengte
Tot circa 40 à 45 m1.
3.
Gebruikelijke wapening
a.
Hoofdwapening: 5 ø 12 mm tot 10 ø 25 mm; zware
wapening zelfs tot ø 32 mm. Eventueel kunnen staalprofielen of voorspanstaven
worden aangebracht.
b.
Spiraalwapening: ø 8 mm tot ø 16 mm met een
spoed van minimaal 300 à 1000 mm.
Draagkracht/vervormingsgedrag
1.
Grondmechanische draagkracht
a.
Paalklassefactoren conform NEN 6743:
•
Paalpunt
αp = 0,8 bij mortelomhulling kan een waarde van minimaal
0,9 worden
aangehouden
β - factor in rekening te brengen overeenkomstig norm NEN 6743, afhankelijk
van de verhouding tussen uitwendige buisdiameter en diameter schroefpunt.
Bij toepassing van mortelomhulling is ß = 1,0.
•
Schachtwrijving
αs = 0,006 indien geen mortelomhulling wordt toegepast
αs = 0,009 voor Terr-Econ-buispalen met mortelomhulling; in geval van
aanbrengen van mortel na installatie van de paal (na-injectie) zijn veelal
hogere waarden haalbaar.
b.
Aanvullende bepalingen bij berekening paaldraagkracht:
niet van toepassing.
c.
Last-vervormingsgedrag: overeenkomstig type 1
van NEN 6743.
d.
Belastingsspectrum: tot circa 2000 kN à 4000
kN druk (rekenwaarde).
2.
Wat wordt als paalpuntniveau aangemerkt?
Niveau van de boorpunt.
3.
Mogelijkheden voor vergroting van de grondmechanische
draagkracht
Aanbrengen van een mortelomhulling (injectie).
4.
Mogelijkheden voor reductie van de negatieve kleef
Mogelijkheden voor reductie van de negatieve kleef
Mogelijk door toepassing van een omhulling in de slappe grondlagen, bijvoorbeeld
bentoniet.
Mogelijke toepassingen
1a
Toepasbaarheid bij grote variatie in de bodemgesteldheid
Aanpassingen mogelijk door variabele paallengte.
Door registratie van het draaimoment, axiale drukkracht en boortijd komt informatie
beschikbaar omtrent de vastheid van de funderingslagen.
1b.
Toepasbaarheid bij slappe bodemlagen
Goed in verband met permanente casing.
2.
Mogelijke schoorstanden
•
Voorover: maximaal tot 4:1.
•
Achterover: maximaal tot 3:1.
3.
Uitvoering in beperkte ruimte
•
Onder hoogtebeperking mogelijk.
•
Op smalle bouwplaatsen waar manoeuvreren met standaardmaterieel
niet mogelijk is, kan in overleg worden gekozen voor een compacte funderingsmachine.
4.
Minimale hart-op-hart-afstand in verband met uitvoering
Circa twee maal de diameter van de boorpunt.
5.
Minimale tussenafstand tot belendingen in verband
met uitvoering
Minimaal 0,7 à 0,8 m1.
6.
Mogelijke uitvoering vanaf open water
Goed mogelijk.
7.
Geschiktheid als trekpaal
•
Goed geschikt. Door middel van injectie met mortel
is een hogere schachtwrijving
te bewerkstelligen.
•
De palen kunnen verdiept worden aangebracht waarbij
op de casing
ringdeuvels kunnen worden aangebracht ten behoeve van hechting aan
onderwaterbeton.
8.
Aanvullende bepalingen/opmerkingen
•
Desgewenst kan het inbrengen van de palen bij
de aanwezigheid van zeer
vaste tussenlagen worden bevorderd door middel van bentoniet injectie aan
de paalpunt.
•
De palen kunnen door Terracon indien gewenst verdiept
beneden het maaiveld
worden geïnstalleerd. Het betonneren van de palen geschiedt dan na
ontgraving.
Kwaliteit en veiligheid
Terracon beschikt over een gecertificeerd kwaliteits-
en veiligheidszorgsysteem
volgens ISO 9001:2008, ISO 14001:2004 en VCA**.
Voor dit paaltype zijn geen beoordelingsrichtlijnen van KIWA voorhanden.
Gewerkt wordt met interne uitvoeringsrichtlijnen. De palen worden uitgevoerd
conform het projectgebonden kwaliteits- en veiligheidsplan, waar het keuringsplan
deel van uitmaakt.
Terracon Funderingstechniek B.V.
Vierlinghstraat 17
Postbus 49
4250 DA Werkendam