MV-palen

Typering van het systeem

Een stalen paal of profiel met inwendige en/of uitwendige injectie met grout-specie.

Video

Brochure

 

Vervaardiging

Omschrijving:

  1. De MV-paal bestaat traditioneel uit een stalen profiel, voorzien van een stalen piramidevormige voet; de stalen voet is aan de bovenzijde open. De schacht bestaat uit een stalen walsprofiel met aparte, aan de flenzen gelaste injectielans. Hoofdzakelijk wordt gebruik gemaakt van stalen HE-profielen, waarbij op circa 200 mm van de punt op de buitenzijde van elke flens een bakje ter breedte van circa 50 mm is gelast. Elk bakje wordt voorzien van een stalen voet, die aan de bovenzijde open is.
    Eventueel kan een stalen buis worden toegepast. De toevoer van de mortel-specie gaat bij toepassing van een buis veelal via kunststof slangen langs de buitenzijde van de stalen buis. Het op diepte brengen van de stalen buis vindt plaats m.b.v. een heiblok. De methode van stalen buizen wordt door Terracon veelvuldig toegepast voor funderingen van hoogspanningsmasten.
  2. Tijdens het heien wordt, via de paalschacht of via de injectielans, een dunne vloeibare mortel- of groutspecie geperst, die onderin, vlak boven de voet, uittreedt. Bij het verder inbrengen van de voet, waarbij de grond wordt verdrongen, wordt de ruimte boven de paalpunt direct gevuld met de onder druk staande mortelspecie.
  3. De paalkop wordt na het bereiken van het paalpuntniveau afgewerkt en kan worden opgenomen in de constructie.

Materieel

  1. Gegevens stelling
    a. Gehanteerde typen: Junttan PM 25, PM 26, PM 30, IHC F3500, CX 700 GLS, Woltman 900 HPDR, SennebogenS6100XLR.
    b. Zwaarste onderdeel: circa 0,30 à 1,25 MN.
    c. Wijze van transport naar de bouwplaats: dieplader.
    d. Benodigd hulpmaterieel: pompinstallatie.
    e. Wijze van transport op de bouwplaats: zelfrijdende funderingsmachine.
    f. Maximaal begaanbare helling: 1:7.
  2. Capaciteit inbrengmaterieel
    Diverse dieselblokken of hydraulische valblokken worden gebruikt.
  3. Trillingsniveaus
    Afhankelijk van de bodemgesteldheid.
  4. Geluidsniveaus
    Circa 100 à 107 dB(A) op 10 m1, mede afhankelijk van de zwaarte van het heiwerk.

Karakteristieke eigenschappen

  1. Dwarsafmetingen
    De stalen punt kan rechthoekig, vierkant of rond worden uitgevoerd. De standaard dwarsafmeting varieert van 220 mm tot 400 mm. Met name bij toepassing van stalen buizen zijn grotere afmetingen mogelijk: circa Ø 406 mm tot Ø 1200 mm.
    De stalen schacht als kern kan in principe worden vervaardigd uit alle gangbare handelsprofielen. De benodigde afmetingen worden per project vastgesteld.
  2. Mogelijke paallengte
    Paallengten tot circa 40 m 1 zijn mogelijk afhankelijk van de situatie en de paalafmeting.
  3. Gebruikelijke wapening
    Veelal is geen additionele wapening nodig. Bij stalen buispalen kan eventueel een wapeningskorf worden aangebracht.

Draagkracht/vervormingsgedrag

  1. Grondmechanische draagkracht
    a. Dit paalsysteem is niet expliciet beschreven in de klasse-indeling van NEN 6743:1991. De hierna genoemde paalklassefactoren zijn derhalve als indicatie te beschouwen.
    Paalklassefactoren:
    • Paalpunt: αp = 1,0, β = 1,0.
    • Schachtwrijving: αs = 0,014.
    b. Aanvullende bepalingen bij berekening paaldraagkracht: niet van toepassing.
    c. Last-vervormingsgedrag: overeenkomstig type 1 van NEN 6743.
    d. Belastingsspectrum: de rekenwaarde van de grondmechanische draagkracht bij trek 500 à 2000 kN.
  2. Wat wordt als paalpuntniveau aangemerkt?
    Niveau van de grootste dwarsafmeting van de paalpunt.
  3. Mogelijkheden voor vergroting van de grondmechanische draagkracht
    Door vergroting van de injectiekraag wordt een grotere paalvoet verkregen.
  4. Mogelijkheden voor reductie van de negatieve kleef
    Met aanvullende voorzieningen is het mogelijk om de ruimte tussen de schacht en de grond in de slappe grondlagen vol te persen met bentoniet.

Mogelijke toepassingen

1a Toepasbaarheid bij grote variatie in de bodemgesteldheid
Aanpassing is mogelijk door de variabele paallengte. Controle op de aard en de vastheid van de funderingslagen is tijdens het inbrengproces mogelijk door kalenderen.
1b. Toepasbaarheid bij slappe bodemlagen
De aanwezigheid van erg slappe bodemlagen levert bij dit paaltype geen problemen op.
2. Mogelijke schoorstanden
Tot 1:1 (voor onder andere kademuren).
3. Uitvoering in beperkte ruimte
Niet mogelijk.
4. Minimale hart-op-hart-afstand in verband met uitvoering
Circa drie maal de dwarsafmeting van de paalpunt indien de belendende palen een ouderdom van minimaal één dag hebben bereikt.
5. Minimale tussenafstand tot belendingen in verband met uitvoering
Minimaal circa 1,0 m1, afhankelijk van de situatie en de afmetingen van de paal en het materiaal.
6. Mogelijke uitvoering vanaf open water
Goed mogelijk.
7. Geschiktheid als trekpaal
Dit paalsysteem is uitermate geschikt om grote trekbelastingen op te nemen.
8. Aanvullende bepalingen/opmerkingen

Kwaliteit en veiligheid

Terracon beschikt over een gecertificeerd kwaliteits- en veiligheidszorgsysteem volgens ISO 9001:2008 en VCA**.
Voor dit paaltype zijn geen beoordelingsrichtlijnen van KIWA voorhanden. Gewerkt wordt met interne uitvoeringsrichtlijnen. De palen worden uitgevoerd conform het projectgebonden kwaliteits- en veiligheidsplan, waar het keuringsplan deel van uitmaakt.

— Posted on 19 februari 2014 at 15:59 by